Wanneer een werknemer een goedkope of renteloze lening krijgt van zijn werkgever, vormt dat fiscaal een belastbaar voordeel van alle aard.

Dit voordeel is gelijk aan het verschil tussen de referentierentevoet die jaarlijks bij koninklijk besluit wordt vastgesteld per type lening en de rentevoet die aan de ontlener wordt aangerekend.

In het Belgisch Staatsblad van 5 februari 2025 werden de referentierentevoeten gepubliceerd die toegepast moeten worden bij de leningen die in 2024 werden aangegaan. Voor de vanaf 1 januari 2024 toegekende voordelen worden de volgende referentierentevoeten bepaald:

Voordelen In aanmerking te nemen referentie-rentevoet
Hypothecaire leningen met vaste rentevoet 3,28%
Hypothecaire leningen met een variabele rentevoet Referte-index
Niet-hypothecaire leningen zonder welbepaalde looptijd 6,25%
Niet-hypothecaire leningen met vaste looptijd om de aankoop  van een wagen te financieren 0,28%
Andere niet-hypothecaire leningen met vaste looptijd 0,55%

 

Ook op sociaal vlak wordt de toekenning door de werkgever van een renteloze lening of een lening tegen verlaagde rentevoet beschouwd als een voordeel in natura. In tegenstelling tot de fiscale regeling is hier echter niet voorzien in een eenvormige ramingsmethode.

 

Bron: Koninklijk besluit van 24 januari 2025 tot wijziging van het KB/WIB 92, op het stuk van de voordelen van alle aard in geval van toekenning van een renteloze lening of een lening tegen verminderde rentevoet, BS 5 februari 2025.

 

 

 

Heeft u nog vragen? Wenst u meer informatie over dit artikel? Neem gerust contact op met de juridische dienst!