- Nachtarbeid
Sedert 1 juni 2026 is het algemene verbod op nachtarbeid opgeheven. Je mag werknemers daardoor prestaties laten verrichten tussen 20u en 6u, terwijl arbeid tijdens deze periode voorheen in principe verboden was.
Behoor je als werkgever tot de DAS-sectoren (distributie, aanverwante sectoren en e-commerce)? Dan geldt een aangepaste definitie van nachtarbeid. In deze sectoren worden enkel prestaties verricht tussen 23u en 6u nog als nachtarbeid beschouwd.
Bovendien werden de procedures en formaliteiten voor de invoering van uurroosters met nachtarbeid in het arbeidsreglement vereenvoudigd.
We lichten deze wijzigingen hieronder verder toe.
Afschaffing van het verbod op nachtarbeid
Sedert 1 juni 2026 is het algemene verbod op nachtarbeid opgeheven. Werknemers mogen voortaan werken tussen 20u en 6u, zonder dat hiervoor nog een specifieke wettelijke uitzondering vereist is. Ook de bijhorende sancties indien je werknemers laat werken tussen 20u en 6u werden afgeschaft.
Daarnaast mogen de bouwwerken, die onder de wet van 6 april 1960 vallen, voortaan ook vóór 7u en na 18u worden uitgevoerd. Dit geldt onder meer voor wegenwerken, schilder- en metselwerken, het plaatsen van stellingen, tuin- en parkaanleg en de aanleg van nutsleidingen.
Deze wijziging is niet alleen relevant voor de bouwsector (PC 124), maar ook voor ondernemingen actief in de aanleg en het onderhoud van parken en tuinen (PSC 145.04) en voor elektriciens (PC 149.01).
Afwijkende regeling voor nachtarbeid voor werkgevers uit de DAS-sectoren
Voor werkgevers uit de distributiesector en de aanverwante sectoren, met inbegrip van de elektronische handel (DAS-sectoren) geldt een aangepaste definitie van nachtarbeid, nl. enkel de prestaties tussen 23u en 6u.
Wanneer spreken we van een onderneming uit de DAS-sectoren?
STAP 1: Behoort de werkgever tot één van de onderstaande paritaire comités?
| PC 100 | Aanvullend PC voor de werklieden |
| PC 119 | Handel in voedingswaren |
| PC 125.03 | Houthandel |
| PC 127 | Handel in brandstoffen |
| PC 140.03 | Wegvervoer en logistiek voor rekening van derden |
| PC 149.01 | Elektriciens: installatie en distributie |
| PC 149.04 | Metaalhandel |
| PC 200.00 | Aanvullend PC voor de bedienden |
| PC 201.00 | Zelfstandige kleinhandel |
| PC 202.00 | Bedienden uit de kleinhandel in voedingswaren |
| PC 202.01 | Middelgrote levensmiddelenbedrijven |
| PC 226 | Internationale handel, vervoer en logistiek |
| PC 311 | Grote kleinhandelszaken |
| PC 312 | Warenhuizen |
STAP 2: Oefent de werkgever minstens één van de volgende activiteiten uit?
- Kleinhandel: het gewoonlijk produceren of aankopen en doorverkopen van goederen onder eigen naam en voor eigen rekening aan consumenten, aan particulieren en, behalve voor wat de dagbladhandelaars, nachtwinkels en winkels in tankstations betreft, op voorwaarde dat dit geheel of gedeeltelijk online gebeurt;
- Groothandel: de aankoop en de verkoop van goederen, hetzij aan handelaars die de goederen op hun beurt gaan doorverkopen, hetzij aan beroepsgebruikers, zijnde aan natuurlijke personen of rechtspersonen die deze goederen gaan gebruiken in het kader van hun beroep, voor de uitoefening van hun activiteit;
- Logistieke activiteiten voor rekening van derden: ontvangst, opslag, weging, verpakking, etikettering, voorbereiding van bestellingen, beheer van voorraden of verzending van grondstoffen, goederen of producten in de verschillende stadia van hun economische cyclus, zonder dat er nieuwe half afgewerkte of afgewerkte grondstoffen, goederen of producten worden voortgebracht;
- Elektronische handel: handel die behoort tot de klein- en groothandel en die verloopt via het internet.
Vanaf 1 oktober 2027 kan de definitie van distributiesector en de aanverwante sectoren, met inbegrip van de elektronische handel, gewijzigd worden.
Voor de werkgevers uit de DAS-sectoren geldt de volgende afwijkende regeling:
Nachtpremies voor werknemers die vanaf 1 juni 2026 in dienst treden
Werknemers die vanaf 1 juni 2026 in dienst treden bij een werkgever uit de DAS-sectoren hebben uitsluitend recht op premies en voordelen voor de arbeidsprestaties die worden verricht tussen 23u en 6u.
Hiervan kan worden afgeweken door conventionele of reglementaire bepalingen of door het arbeidsreglement, voor zover de overeenkomst in voege treedt na 1 juni 2026.
Het bedrag van de premie moet minimaal gelijk zijn aan de financiële vergoeding die voorzien is in cao nr. 49. Momenteel bedraagt deze vergoeding:
- werknemers jonger dan 50 jaar: € 1,51 per uur
- werknemers van 50 jaar en ouder: € 1,82 per uur
Nachtpremies voor werknemers die vóór 1 juni 2026 in dienst zijn getreden
Werknemers die vóór 1 juni 2026 in dienst zijn getreden bij een werkgever uit de DAS-sectoren blijven de premies en voordelen voor de arbeidsprestaties verricht tussen 20u en 6u behouden zoals deze zijn vastgesteld in de bron die deze toekent.
Als een werkgever om economische redenen het voornemen heeft om wijzigingen aan te brengen aan de bestaande premies en voordelen, dan moet hij het paritair comité consulteren. Het paritair comité kan de voorgenomen wijzigingen dan toetsen aan de sectorale afspraken en kan aanbevelingen formuleren ter ondersteuning van het sociaal overleg op het niveau van de onderneming.
Wat betekent ‘in dienst treden vanaf 1 juni 2026’?
Dit zijn de werknemers die worden tewerkgesteld op basis van een dienstbetrekking waarvan de uitvoering aanvangt vanaf 1 juni 2026.
Opgelet: werknemers die gedurende een deel of het geheel van de periode van 1 juni 2025 tot 31 mei 2026 tewerkgesteld waren als werknemer of uitzendkracht op basis van een andere dienstbetrekking bij dezelfde werkgever worden niet beschouwd als werknemers die vanaf 1 juni 2026 in dienst treden.
Vereenvoudiging procedures en formaliteiten
Als je nachtarbeid wil invoeren in jouw onderneming, moeten uurroosters met nachtarbeid in het arbeidsreglement worden voorzien. De procedures die hierbij moeten worden nageleefd worden vereenvoudigd. Je moet wel nog steeds voorafgaand overleg plegen met jouw werknemers (eventueel – indien aanwezig – na de ondernemingsraad of de vakbondsafvaardiging) maar een verslag van deze besprekingen moet niet meer worden overgemaakt aan het paritair comité.
Na het voorafgaand overleg, moet onderstaande procedure worden gevolgd:
Bij nachtarbeid die een arbeidsregeling met nachtprestaties is
Een “arbeidsregeling met nachtprestaties” is een arbeidsregeling waarin werknemers worden tewerkgesteld die hun prestaties gewoonlijk verrichten tussen 20u en 6u met steeds prestaties die worden geleverd tussen middernacht en 5u ’s morgens.
Dit is niet het geval:
- wanneer de prestaties uitsluitend vallen tussen 6u ’s morgens en 24u (middernacht);
- wanneer de prestaties gewoonlijk vanaf 5u ’s morgens worden aangevat.
| Algemene regel | Werkgevers hebben de keuze tussen 2 wijzen van invoering:
· gewone procedure tot wijziging van het arbeidsreglement · ondernemings-cao met alle vakorganisaties die vertegenwoordigd zijn in de vakbondsafvaardiging |
| DAS-sectoren
|
Werkgevers hebben de keuze tussen 2 wijzen van invoering:
· gewone procedure tot wijziging van het arbeidsreglement met een versoepelde procedure indien er geen akkoord wordt bereikt binnen de onderneming · ondernemings-cao met minstens één vakorganisatie |
Bij nachtarbeid die geen arbeidsregeling met nachtprestaties is
Hier gaat het om werknemers die uitsluitend werken tussen 6u en 24u of van wie de arbeidsprestaties gewoonlijk om 5u beginnen.
| Algemene regeling | Gewone procedure tot wijziging van het arbeidsreglement met een versoepelde procedure indien er geen akkoord wordt bereikt binnen de onderneming |
Logistieke diensten verbonden aan e-commerce
Ondernemingen die niet vallen onder de distributiesector en de aanverwante sectoren, met inbegrip van de elektronische handel kunnen, voor het uitvoeren van alle logistieke en ondersteunende diensten verbonden aan de elektronische handel, nachtarbeid invoeren door een cao te sluiten met één vakorganisatie.
Dit geldt zowel voor de invoering van nachtarbeid die een arbeidsregeling met nachtprestaties uitmaakt als voor nachtarbeid die geen arbeidsregeling met nachtprestaties uitmaakt.
Vrijstelling van doorstorting BV voor nachtarbeid
Sedert 1 juni 2026 is de fiscale regeling inzake de vrijstelling van doorstorting van bedrijfsvoorheffing voor nachtarbeid afgestemd op de gewijzigde arbeidsrechtelijke regels betreffende nachtarbeid.
Voorheen bevatte de fiscale wetgeving een eigen definitie van nachtarbeid. Sedert 1 juni 2026 wordt deze autonome fiscale definitie opgeheven en wordt rechtstreeks verwezen naar het begrip nachtarbeid zoals omschreven in de arbeidswetgeving. Ook het begrip nachtpremie wordt op die manier in overeenstemming gebracht met het arbeidsrecht.
- Minimale wekelijkse arbeidsduur bij deeltijdse arbeid
In het verleden moest een deeltijdse werknemer minstens 1/3de van de wekelijkse arbeidsduur van een voltijdse werknemer presteren. In een 38-urenweek moest de deeltijdse werknemer dus minstens 12,667 uur per week werken.
Sedert 1 juni 2026 is er een nieuwe minimale grens van toepassing en moet een deeltijdse werknemer per week minimum 1/10de van een voltijds uurrooster van dezelfde categorie in de onderneming tewerkgesteld worden. Als er geen voltijdse werknemers van dezelfde categorie zijn in de onderneming, dan geldt de voltijdse arbeidsduur die in de sector van toepassing is.
Afwijkingen via koninklijk besluit of cao
Onder de oude regeling kon een cao gesloten binnen de sector of de onderneming afwijken van het wettelijk minimum voor deeltijdse werknemers. Deze kon de minimale wekelijkse arbeidsduur verhogen of verlagen. Deze mogelijkheid om af te wijken blijft bestaan.
Heel wat sectoren voorzien reeds een afwijking op het wettelijk minimum voor deeltijdse werknemers. Deze bestaande afwijkingen blijven behouden. Het zal dus afhangen van de concrete cao-regeling in de sector of onderneming of het al dan niet mogelijk is om het wettelijk minimum van 1/10de toe te passen of om daarvan af te wijken.
Daarnaast voorziet een koninklijk besluit van 21 december 1992 enkele afwijkingen op het wettelijk minimum voor deeltijdse werknemers, zoals voor werklieden tewerkgesteld volgens een vast uurrooster die uitsluitend de bedrijfslokalen van hun werkgever schoonmaken, werknemers in progressieve werkhervatting, … Dit koninklijk besluit werd aangepast, met een verwijzing naar de minimale wekelijkse arbeidsduur van 1/10de in de plaats van 1/3de. In deze situaties kan de minimale wekelijkse arbeidsduur dus lager zijn dan 1/10de.
Lopende deeltijdse arbeidsovereenkomsten
De wetswijziging brengt geen automatische wijziging teweeg van de reeds bestaande deeltijdse arbeidsovereenkomsten. De overeengekomen wekelijkse arbeidsduur dient dus te worden gerespecteerd.
Een eventuele verlaging van de wekelijkse arbeidsduur naar 1/10de zal dus contractueel overeengekomen moeten worden.
Deeltijdse werknemer met behoud van rechten
Volledig werklozen die een deeltijdse job vinden, kunnen bij de RVA het statuut van deeltijdse werknemer met behoud van rechten aanvragen. Indien zij ontslagen worden in hun deeltijdse job, dan kunnen zij opnieuw uitkeringen verkrijgen alsof ze voltijds hebben gewerkt. Bovendien kunnen zij via de RVA een inkomensgarantie-uitkering ontvangen bovenop hun deeltijds loon.
Er moet aan een aantal voorwaarden worden voldaan om dit statuut te bekomen, waaronder een minimale wekelijkse arbeidsduur. Deze grens werd ook verlaagd tot 1/10de van een voltijdse maatpersoon.
3-urenregel blijft van toepassing
De verplichting dat elke werkperiode minimum 3 uren dient te bedragen, blijft van toepassing. Hierop bestaan ook afwijkingen via koninklijk besluit of cao.
- Uurroosters opnemen in het arbeidsreglement: versoepeling vanaf 1 juni 2026
Vanaf 1 juni 2026 is het niet meer nodig om elk individueel voltijds uurrooster te vermelden in het arbeidsreglement van jouw onderneming. Je kan er voortaan voor kiezen om enkel een algemeen kader van de gewone arbeidstijd vast te leggen. Eens dit kader vastligt, kom je nadien met jouw werknemer overeen volgens welk uurrooster hij effectief gaat werken binnen een bepaalde week. Je moet dit exacte uurrooster schriftelijk bekend maken.
In het kader voorzie je de tijdsvakken waarbinnen jouw werknemers kunnen werken en je legt de minimale en maximale dag- en weekgrenzen vast. Dit moet wel een realistisch kader zijn. Je kan bijvoorbeeld niet voorzien dat de werknemers van maandag tot en met zondag 24 uur op 24 tewerkgesteld kunnen worden. Het kader moet de werkelijke prestaties binnen jouw onderneming weergeven.
Wil je een kader invoeren, dan moet je jouw arbeidsreglement wijzigen.
Een uurrooster dat niet binnen het vastgestelde kader past, moet wel nog afzonderlijk in het arbeidsreglement opgenomen worden.
Je bent als werkgever niet verplicht om zo’n kader in te voeren. Je kan nog altijd elk individueel uurrooster opnemen in jouw arbeidsreglement.
En wat met de deeltijdse uurroosters?
Voor de deeltijdse uurroosters blijven de regels ongewijzigd. Vaste deeltijdse uurroosters neem je op in de deeltijdse arbeidsovereenkomst met de werknemer. Valt dit uurrooster echter buiten de voltijdse uurroosters in jouw onderneming, moet je het wel opnemen in het arbeidsreglement.
Voor de variabele deeltijdse uurroosters geldt een gelijkaardige regeling zoals hiervoor uiteengezet: je neemt een kader op in het arbeidsreglement en maakt het concrete uurrooster achteraf schriftelijk bekend aan jouw werknemer.
Opgelet! Deze nieuwe regeling doet geen afbreuk aan de bestaande regels inzake flexibele uurroosters, glijdende uurroosters, enz. Hiervoor moeten de voorziene procedures nog steeds worden gevolgd.
Bron: Wet van 18 mei 2026 houdende diverse arbeidsbepalingen, BS 1 juni 2026 en art. 34 van de programmawet van 30 mei 2026, BS 1 juni 2026.
Heeft u nog vragen? Wenst u meer informatie over dit artikel? Neem gerust contact op met de juridische dienst!